‘Via de camera wilde ik hetgeen wat er nog was vasthouden’
Regisseur Matthijs Vuijk over de documentaire ‘De glazen kerk’
Het leven van de oma van filmmaker Matthijs Vuijk staat op zijn kop wanneer de kerk waar zij al haar hele leven naartoe gaat, in het Zeeuwse dorp Kortgene, failliet gaat. Ruben van Zwieten, Amsterdamse ondernemer en 'Dominee van de Zuidas', neemt via zijn stichting het gebouw over om die om te bouwen tot een 'een huis van ontmoeting en inspiratie'. In de documentaire 'De glazen kerk' legt Matthijs Vuijk alle ontwikkelingen vast. NPO Doc sprak met hem over het maakproces.
De glazen kerk
De kerk waar de oma van filmmaker Matthijs Vuijk altijd naartoe gaat is failliet. Een ondernemer wil de kerk redden.
Wat was het startpunt voor je documentaire?
Matthijs Vuijk: ‘Ik ben zelf niet gelovig, maar ik ging voor de gezelligheid wel eens met mijn oma mee naar de kerk. Daar viel het me op dat er steeds minder mensen waren; soms zaten we er met nog maar tien. Toen ze me vertelde dat de kerk op het punt stond failliet te gaan, voelde ik de drang om die plek en bijbehorende rituelen vast te leggen voor het zou verdwijnen.’
Mijn oma heeft de gemeenschap waar de mensen in de stad zo naar verlangen al haar hele leven.
Wat wilde je in eerste instantie laten zien?
‘Ik had een film over verandering voor ogen. Niet alleen de kerkgemeenschap verandert, maar ook mijn oma zal er op een dag niet meer zijn. Via de camera wilde ik hetgeen wat er nog was vasthouden.
Daarnaast is het een film over gemeenschap. Ik ben opgegroeid in Zeeland en woon nu in Amsterdam. Mijn leeftijdsgenoten hier zijn altijd op zoek naar gemeenschap, de term community is helemaal hip. Mijn oma heeft datgene waar de mensen hier in de stad zo naar verlangen al haar hele leven. Ik wilde onderzoeken wat we nog van mijn oma en die gemeenschap kunnen leren.’
Was Zuidas-predikant Ruben van Zwieten al in beeld toen je begon?
‘Een jaar nadat ik was begonnen met het vastleggen van de kerkgemeenschap kwam Ruben in zijn Tesla het dorp binnenrijden. Toen ik hoorde dat hij in de kerk aan het werk was, ben ik meteen langsgegaan. Hij wilde graag meewerken en was heel open. Toen hij me rondleidde en zijn visie op de kerk gaf, mocht ik dat direct filmen. Die scène is ook echt in de documentaire beland.’
Ik wilde mijn oma en Ruben niet als stereotypes tegenover elkaar te zetten: als Randstad versus platteland.
Wat leverde zijn komst op voor je documentaire?
‘Ruben was een nieuw soort tour de force in het verhaal. Hij was de laatste optie die de kerkgemeenschap had om de kerk te blijven gebruiken. Dat maakt het interessant. Ik vond het boeiend dat er altijd wel mensen in de gemeenschap zijn die standaard afkeur hebben voor Randstedelijke types. Dat ligt niet per se aan hemzelf, maar meer aan waar hij vandaan komt.
Mijn oma en Ruben zijn heel contrasterend. Het was een uitdaging om beiden goed te representeren en de nuances te behouden. Ik wilde hen niet als stereotypes tegenover elkaar te zetten: als Randstad versus platteland. Ik vond het juist interessant om te kijken waar de overeenkomsten liggen, want in zekere zin hebben ze dezelfde belangen. Beiden willen dat het kerkgebouw behouden blijft en dat het door een gemeenschap wordt gebruikt. Het verschil ligt alleen in de uitwerking daarvan.’
Je laat ook het kerkgebouw zelf aan het woord via beeld, geluid en tekst. Waarom vond je dat belangrijk?
‘Het perspectief van het gebouw plaatst alles in grotere context. De kerk is al negenhonderd jaar oud. Als je weet wat er in die tijd allemaal is gebeurd met het gebouw, kun je de huidige gebeurtenissen makkelijker relativeren. Zo heeft het drie overstromingen meegemaakt en is er brand geweest. Het is talloze keren opnieuw opgebouwd en heeft altijd overwonnen door zich aan te passen. Net als mijn oma: ook zij past zich telkens aan, staat open voor nieuwe dingen en weet daardoor te overleven.
Zo ben ik gaan nadenken over hoe zo’n gebouw, als dat zou kunnen, de hedendaagse ontwikkelingen zou zien. De beelden die je ziet van de kerk met daarop teksten, zijn daar het resultaat van. Die heb ik zelf geschreven. Daarbij heb ik samen met componist Thomas Azier de kerk ook letterlijk een geluid kunnen geven. Dus in zekere zin is de stem van de kerk mijn reflectie als regisseur op de hele situatie.'
Ik ben niet iemand die voortdurend melancholisch is over Zeeland, maar ik heb veel liefde voor de regio.
Is dit voor jou een typische Zeeuwse film?
‘Ik ben niet iemand die voortdurend melancholisch is over Zeeland, maar ik ben er wel opgegroeid en heb veel liefde voor de regio. Ik wilde in een soort slow cinema-stijl het landschap laten zien: hoe de wind over de weilanden raast, de specifieke kleuren die alleen daar bestaan en de manier waarop de Oosterscheldekering het landschap verandert.
Daarnaast wilde ik een gevoel van isolatie oproepen. Het lijkt zich af te spelen op een eiland, omringd door zee, met een verre verbinding met de Randstad. Die verbinding wordt gerepresenteerd door Ruben, die binnenkomt en dingen verandert in de gemeenschap. Op die manier is het wel echt een Zeeuwse film.’
Hoe gaat het nu met je oma en de kerk?
‘Met mijn oma gaat het goed, maar er blijven steeds minder kerkvriendinnen van haar over. De situatie rond de kerk is nog hetzelfde als aan het einde van de film: het gebouw staat meestal leeg. Afgelopen zondag heb ik de film in Middelburg vertoond aan onder andere de kerkgemeenschap. Voor hen was het heel bijzonder om de kerk in haar oude staat te zien, maar vooral ook de mensen die er kwamen en van wie een deel inmiddels is overleden. Ik merkte dat dat echt iets met hen deed.
Ruben heb ik al een tijd niet gesproken. De verbouwing in de kerk is inmiddels voltooid, maar een aantal vergunningen zijn niet rondgekomen. Het is mij onbekend wat er nu verder precies gaat gebeuren.'
De glazen kerk
De kerk waar de oma van filmmaker Matthijs Vuijk altijd naartoe gaat is failliet. Een ondernemer wil de kerk redden.