‘Tijdens de Japanse bezetting hadden de jongens geen vader meer om zich aan op te trekken'
Regisseur Pieter van Huystee over 'De Indische tafel - Jongens van de Japanse kampen'

In de documentaire ‘De Indische tafel – Jongens van de Japanse kampen’ (NTR) vertellen elf mannen over hun jeugdervaringen in Japanse interneringskampen in koloniaal Indonesië. NPO Doc sprak met maker Pieter van Huystee.

De Indische Tafel - Jongens van de Japanse kampen
Een aantal mannen van in de negentig blikt terug op hun Indonesische jeugd waarover ze nooit spraken.
Tijdens de Japanse bezetting van koloniaal Indonesië (1942-1945) sluit het militaire regime vrijwel alle Nederlanders op, in totaal tachtigduizend mannen, vrouwen en kinderen. In de documentaire De Indische tafel – Jongens van de Japanse kampen vertellen elf mannen - inmiddels de negentig voorbij - openhartig over hun ervaringen, over het missen van hun vader en over het moment dat ze hoorden alleen verder te moeten gaan.
Pieter van Huystee maakte eerder de film Als ik mijn ogen sluit – Leven met de Japanse kampen (NTR, 2024). Hierin vertellen vrouwen op leeftijd over de tijd die zij als jong meisje doorbrachten in de Japanse interneringskampen. ’Op een gegeven moment organiseerden twee mannen een vertoning van mijn eerdere film bij hun Indonesische tafel, een chique herensociëteit. Aangezien ze wisten van mijn Nederlands-Indische verleden, nodigden ze mij uit om bij de vertoning te zijn: mijn grootouders en moeder zaten zelf ook opgesloten in Japanse interneringskampen.
De leden van De Indonesische tafel zijn elf mannen met een Nederlands-Indische achtergrond die elke week samenkomen. Dit doen zij onder het genot van een Indische maaltijd. Sommige mannen hebben ook in kampen gezeten. Al luisterend naar de mannen merkte ik dat hun verhalen anders waren dan de verhalen van de vrouwen. Daarom leek het mij interessant om een film te maken over hun perspectief.’

Jongens die hun vader misten
In de verhalen van de mannen speelt het gemis van de vader een hoofdrol, vertelt Van Huystee. ‘De vaders moesten naar aparte mannenkampen. Tijdens de bezetting zagen veel jongens hun vader dus niet. Terwijl de meisjes zich nog aan hun moeder konden spiegelen, hadden de jongens geen vader om zich aan op te trekken.’
De vaders moesten naar aparte mannenkampen. Tijdens de bezetting zagen veel jongens hun vader dus niet.
Sommige vaders zijn overleden in de Japanse interneringskampen, door ziekte en uitputting. Dankzij dagboeken hebben zij toch een gezicht gekregen. ‘Veel moeders hielden dagboeken bij over het opgroeien van hun zoon in een Japans interneringskamp,’ zegt Van Huystee.
Zo leest Erik Rouffaer een stuk voor over de tijd van voor de Japanse bezetting. Als hij vertelt hoe hij als baby naar zijn vader lachte en bij hem in bed kroop, raakt hij geëmotioneerd.

Gescheiden gezinnen
‘Een ander verschil is dat jongens al op hun tiende werden gescheiden van hun moeder en gezinsleden,’ zegt Van Huystee. ‘Rond de leeftijd van tien jaar worden mensen seksueel bewust. De kampleiding wilde de meisjes, vrouwen en jongens van elkaar scheiden om te voorkomen dat de gevangenen zich op een seksuele manier tot elkaar zouden verhouden.’
In de film vertelt Gilles van Overbeek De Meyer over het moment dat hij hoorde dat hij naar een ander kamp moest. Hij wist niet waar hij naartoe zou gaan, vertelt hij. Hij was in shock. Op de valreep tekende een kampgenoot een portret van hem, want zijn moeder wist niet of hij het zou overleven.

Propagandamateriaal
Van de interneringskampen ten tijde van de Japanse bezetting bestaat bijna geen beeldmateriaal, behalve de tekeningen die gebruikt werden in de documentaire Als ik mijn ogen sluit - Leven met de Japanse kampen. Toch wilde Van Huystee de kijker wel een gevoel geven van het kamp. ‘Nadat Japan was gecapituleerd konden de gevangenen niet meteen ergens anders naartoe. Daardoor bleven sommigen soms nog maanden in de kampen. Uit deze periode zijn wel video’s en foto’s van de kampen beschikbaar. Die heb ik gebruikt, samen met Japans propagandamateriaal.
Ik wil het menselijke aspect van de Japanse bezetting belichten.
Historisch gezien klopt het beeldmateriaal dus niet, maar dat vind ik niet erg. Het is namelijk nooit mijn bedoeling geweest om een historisch essay te maken. Ik wil liever het menselijke aspect van de Japanse bezetting belichten. Wel probeer ik een evenwicht te bereiken, door verschillende mensen bij elkaar te zetten.’

Openbare therapie
Pieter van Huystee is erin geslaagd om de mensen een gevoel te geven van het kamp, zegt hij. ‘De documentaire is al vertoond op meerdere filmfestivals en filmtheaters voor bezoekers die allemaal een band hebben met dit onderwerp. Hun moeder of vader heeft bijvoorbeeld in het kamp gezeten, of ze komen zelf uit een Nederlands-Indische gemeenschap.
De meesten hadden geen idee wat ze zich moesten voorstellen bij een Japans interneringskamp. Na het zien van de film wel.
De meesten van hen hadden voor het zien van de film geen idee wat ze zich moesten voorstellen bij een Japans interneringskamp en wat de impact hiervan is op gevangenen. Na het zien van de film wel. De filmvertoningen van deze documentaire voelen een beetje als openbare therapie. Cijfers en feiten raken mensen niet, maar ervaringen wel.’
Kijk de documentaire

De Indische Tafel - Jongens van de Japanse kampen
Een aantal mannen van in de negentig blikt terug op hun Indonesische jeugd waarover ze nooit spraken.