‘Ik wilde me meer uitspreken, maar ik wist niet in welke vorm’
Regisseur Esther Pardijs over haar korte documentaire ‘Zwijgen of spreken’

Als je naar de wereld om je heen kijkt en ziet dat het misgaat, kun je je dan nog veroorloven om te zwijgen? Die vraag stelt filmmaker Esther Pardijs in 'Zwijgen of spreken' (HUMAN). En zij blijkt niet de enige die worstelt met het gevoel wel te willen spreken, maar niet te weten hoe. NPO Doc sprak met de maker over haar korte documentaire.

Zwijgen of spreken
Als je naar de wereld om je heen kijkt en ziet dat het misgaat, kun je het je dan nog wel veroorloven om te zwijgen?
Wat heeft het zaadje gepland bij jou om een documentaire over dit onderwerp te maken?
Esther Pardijs: ‘Net als veel anderen zie ik de wereld om me heen verharden en verruwen. Mensen zetten elkaar weg, er zijn idiote wereldleiders en de manier waarop we met nieuwkomers omgaan is verschrikkelijk. Er zijn zoveel onderwerpen waarvan ik denk: ik kan niet meer zwijgen.
Het is niet zo dat ik altijd heb gezwegen. Ik voer discussies aan de keukentafel en praat met vrienden en collega’s over de wereld en hoe we met elkaar omgaan. Maar dat is allemaal veilig. Er zijn mensen die demonstreren, activist zijn, posters voor hun raam hangen of zich op social media uitspreken over onrecht. Ik voelde daar een huiver bij. Ik ben het er wel mee eens, maar ik dacht: ik ben geen activist.
Ik geloof dat de stille massa heus wel verandering wil, maar de mensen die daartoe behoren staan niet per se op de barricaden
Toch wilde ik niet langer zwijgen. Ik wilde me meer uitspreken, maar ik wist niet in welke vorm. Er wordt aan alle kanten geschreeuwd. Als extreem rechts harder gaat schreeuwen, dan doet extreemlinks dat ook en andersom. Daar willen veel mensen niet aan mee doen.
Het gaat mij niet alleen om de vraag of je je uitspreekt en wanneer, maar ook hoe en op welk volume. Het is een zoektocht naar de manier waarop je gehoord wil worden. Ik geloof dat de stille massa heus wel verandering wil, maar de mensen die daartoe behoren staan niet per se op de barricaden. Aan hen wilde ik een gezicht geven.’

Wat is dan jouw beeld van een activist?
‘Veel mensen denken dat een activist boos is, schreeuwt en aan alle demonstraties meedoet. Dat is het clichébeeld dat veel aandacht krijgt op televisie en social media. Dat beeld zou ook wat genuanceerder gebracht mogen worden, er zijn allerlei vormen van activisme.
Het clichébeeld van de activist sluit mensen uit die zich eigenlijk wel willen uitspreken of iets willen doen
Dat clichébeeld sluit mensen uit die zich eigenlijk wel willen uitspreken of iets willen doen. Zij denken wellicht dat je óf activist moet zijn óf stil. Ik probeer in mijn film dat veld daartussen te vangen.’
Dit thema is vrij groot en abstract. Wilde je dat altijd al via deze theatervoorstelling verbeelden?
‘Ik liep al een jaar met deze gedachtes en afwegingen rond, maar die breng je natuurlijk niet zo makkelijk in beeld. Het is een hele zoektocht geweest. Ik heb gekeken of ik iets met de AI kon doen, maar ook archiefresearch gedaan naar stille en luide protesten.
Maar dan blijf je in die demonstratiehoek zitten en ik wilde focussen op datgene wat er in je hoofd gebeurt. Toen werd ik op de theatervoorstelling Opstand van theatermaker Marte Boneschansker gewezen, waarin je fysiek wordt uitgedaagd om iets te doen of niets te doen. Dat is precies waar ik het over wilde hebben.’

Hoe zorg je ervoor dat het ook echt een film wordt?
‘Ik wilde de voorstelling inkaderen met mijn hoofdvraag: Als je ziet wat er in de wereld gebeurt kun je dan nog zwijgen? Bovendien wilde ik een extra laag toevoegen, zodat het niet alleen een theaterregistratie werd.
Ik wilde in het hoofd van de bezoekers kruipen en horen wat er gebeurt als je je niet uitspreekt
Ik wilde in het hoofd van de bezoekers kruipen en horen wat er gebeurt als je je niet uitspreekt. Wat hen tegenhoudt en hoe ze redeneren. Gedachtes als: “Moet ik dit wel doen? Ik durf het niet, maar ik wil in verzet komen. Ik doe het toch nog maar even niet.” Die innerlijke worsteling wilde ik naar boven brengen, want daar zit ook de herkenning van de kijker.'
Welk inzicht van het theaterexperiment heeft je het meest verrast?
‘Als klein meisje had ik een groot rechtvaardigheidsgevoel. Daar zijn gedurende mijn leven allerlei lagen overheen gekomen, maar tijdens het theaterstuk werd het weer aangesproken. Dat vond ik heel mooi.
De kracht van de theatervoorstelling is die fysieke ervaring. Dat je lichaam aangeeft iets te willen doen, maar dat je hoofd excuses bedenkt. Dat is precies wat er in de werkelijkheid gebeurt en wat ik wilde laten zien.’

Heeft het maken van deze film je houding verandert? Spreek je je in meer of mindere mate uit?
‘Ik spreek me meer uit en dat heeft echt te maken met deze documentaire en het maakproces. In de research heb ik veel gelezen over dit onderwerp vanuit het perspectief van mensen die tot minderheden behoren.
Ik loop nog steeds niet alle demonstraties af, maar ik durf me nu wel sneller uit te spreken in mijn omgeving
Ik las hoe belangrijk het is dat niet alleen zijzelf voor hun rechten opkomen, maar ook iemand zoals ik. Dat heeft mijn houding veranderd. Ik loop nog steeds niet alle demonstraties af, maar ik durf me nu wel sneller uit te spreken in mijn omgeving als ik bijvoorbeeld een racistische opmerking hoor.’

Zwijgen of spreken
Als je naar de wereld om je heen kijkt en ziet dat het misgaat, kun je het je dan nog wel veroorloven om te zwijgen?