'Ik was zoon en filmmaker in één'
Regisseur Ruud Lenssen over zijn documentaire 'Wei. Zorgen voor pap'

Filmmaker Ruud Lenssen maakte met ‘Wei’ een film over zijn dementerende vader en zijn mantelzorg verlenende moeder. Het werd een persoonlijk, eerlijk en intiem verhaal over de aftakeling die hoort bij dementie, over familiebanden, zorg en een naderend afscheid. Wei ging in première op IDFA 2019 en draaide daarna in verschillende bioscopen. Een jaar later komt Wei op televisie en spreekt 2Doc met Ruud Lenssen. Hoe kijkt de filmmaker terug op het maken van een film over zijn ouders? 'Met de camera werd ik een betere zoon. De camera dwong mij om dingen uit te spreken, vragen te stellen en rustig te blijven observeren...'
Hoe gaat het nu met jou en je familie?
‘Na het uit uitkomen van de film is er een hoop gebeurd. Zowel op het gebied van de film als met de familie. Toen ik begon met de documentaire wist ik dat het eindpunt van de film de verhuizing zou zijn. Die verhuizing voelde als een symbolisch sterven, pap wist toen ook niet meer wie wij waren. Hij heeft uiteindelijk nog maanden moeten zoeken naar de juiste plek, hij wilde veel lopen en naar buiten en dat kon niet overal. Uiteindelijk vond hij een fijne plek. Inmiddels is pap overleden, op 1 augustus 2020.’
Dat is behoorlijk recent. Hoe voelt dat nu?
‘Een dementieproces gaat heel traag, ik had daardoor veel tijd om afscheid te nemen. Maar tegelijkertijd stel je het nemen van afscheid ook uit. Voor mij persoonlijk was de verhuizing, die je aan het einde van de film ziet, al het afscheid. Toen is het rouwen ook al begonnen. Dat is best wel bizar want hij leefde toen nog. Maar toen het moment kwam dat hij uiteindelijk overleed had ik zijn verlies al best ver verwerkt.’
Hoe kijkt je familie terug op het filmproces?
‘Toen ik de film wilde maken legde ik dit eerst voor aan mijn zus. Zij vond het een goed idee omdat ze zag hoe mam worstelde met haar rol als mantelzorger. Ik kon in die tijd ook nog goed met pap praten en aan hem vragen wat hij wilde. Hij wilde meedoen. Hij wilde altijd meedoen aan mijn films. Hij was een nuchtere man, een koppig type, maar toen ik op de academie zat deed hij ook altijd al mee met experimenten. Mijn moeder vond het op het begin helemaal niets. Ze zei dan “film je vader, film je vader!”’
Veel van het leed van de mantelzorger blijft binnenskamers
Waarom vond je moeder het lastig om gefilmd te worden?
‘Mam worstelde met haar rol als mantelzorger. Ze schaamde zich dat het haar niet lukte om in haar eentje voor pap te zorgen, ze wilde geen hulp vragen. Ze voelde druk om het zelf te doen, ze woont in een dorp waar iedereen kent elkaar en iedereen een mening heeft. Daarbij was ze ook nog haar partner aan het kwijtraken, dat is al moeilijk genoeg. Ze heeft veel dingen moeten opgeven. Veel van het leed van de mantelzorger blijft binnenskamers en soms begrijpt men niet hoe zwaar het voor een mantelzorger is.’
Tekst gaat verder onder afbeelding

Is de focus van de film vooral komen te liggen op mantelzorg?
‘Tijdens het maken twijfelde ik of de film nou over pap of mam moest gaan. Uiteindelijk gaat de film over de liefde tussen hen, over de invloed van de een op de ander, de wisselwerking. Je ziet mam balanceren tussen liefde en frustratie. Ze is soms best hard maar ze moet die houding aannemen om het überhaupt vol te houden.’
De film kon zo puur en eerlijk worden omdat ik geen crew om me heen had
Je laat een heel kwetsbaar beeld van je vader zien. Hoe was het om daar getuige te zijn?
‘Ergens was het een beetje schizofreen. Het ene stemmetje was de filmmaker en zei ‘doordraaien, doordraaien’. Het andere was van de zoon die wilde troosten of wil ingrijpen. Tegelijkertijd heeft de camera mij ook als zoon veel gebracht. Op het einde van de film zie je een emotioneel moment tussen mij en mijn vader, dat hadden we misschien zonder camera nooit gehad.’
'Ik merkte dat ik soms ongeduldig werd als ik de camera wegzette. Met de camera werd ik een betere zoon. De camera dwong mij om dingen uit te spreken, vragen te stellen en om rustig te blijven observeren. Maar het was vaak ook heel moeilijk, ik heb met tranen in mijn ogen achter de camera gestaan, en dan bleef ik toch door filmen. Het was goede therapie.’
We moeten all the way gaan, ook laten zien als pap half naakt uit de douche komt en ook als hij klaagt dat hij geen seks heeft
En hoe denkt je familie erover dat ze op televisie komen?
‘Mam vindt het doodeng maar ze staat achter de film. Ze vond de documentaire puur en eerlijk en dat is precies wat ik wilde laten zien. Ik had met pap en mam afgesproken dat óók de gênante en pijnlijke momenten in de film moesten, die momenten horen bij de ziekte.’
‘Ik wist dat we all the way moesten gaan en alles moesten laten zien als we taboes wilden doorbreken: ook laten zien als papa half naakt uit de douche komt en ook als hij klaagt dat hij geen seks heeft. Dát is het verborgen leed van een mantelzorger en dat zie je normaal gesproken niet. Daar is mam in gaan geloven.'
Tekst gaat verder onder afbeelding

Ben je al bezig met een nieuwe film?
‘Wei was zo’n persoonlijk project, daar heb ik heel mijn hart in kunnen steken. Nu ben ik een beetje bang dat ik geen onderwerp meer ga vinden waar ik zo erg voor kan gaan, ik heb erg hoge eisen. Daarbij voelt dit filmproject nog niet helemaal af: pap leeft nog in de film. Het is mooi om hem zo in leven te houden. Maar als de film straks nergens meer draait, dan begint pas het laatste deel van de verwerking. Ik ben nog niet helemaal klaar voor een nieuw idee, maar het komt eraan!’
De weide staat centraal in de film, kom je daar nu nog wel eens?
‘We hebben de wei verkocht aan een vrouw die op een soortgelijke manier verder boert. De wei heeft nog steeds dezelfde bestemming. We komen ook nog regelmatig langs de wei en dat is altijd speciaal, de plek ligt vol met nostalgische gevoelens. We willen daar ook graag een deel van de as uitstrooien.’
