'Natuur en milieu zijn geen typisch linkse onderwerpen'
Regisseur Ingeborg Jansen over de documentaire 'De MOB - methode'
Een kleine groep vasthoudende burgers zorgde er in 2019 voor dat er in Nederland een stikstofslot werd ingevoerd. De groep schuwt het niet om de strijd aan te gaan met grote partijen als Schiphol. De documentaire 'De MOB-methode' (KRO_NCRV) portretteert dit bevlogen collectief dat de overheid dwingt zich aan haar eigen milieuwetten te houden. NPO Doc sprak regisseur Ingeborg Jansen over het maakproces en over wat haar film zegt over hoe de mens aankijkt tegen natuur en milieu.
De MOB methode
MOB dwingt de overheid zich aan haar eigen milieuwetten te houden en legt hiermee maatschappelijke spanningen bloot.
MOB is de boeman
De MOB methode (Mobilisation for the Environment) richt zich op gemeenten en provincies, met het verzoek om afgegeven natuurvergunningen te handhaven, aan te scherpen, of – waar nodig - volledig in te trekken. Het doel is om de uitstoot van stikstof te verminderen en de natuur te beschermen. Afhankelijk van de uitspraak van de rechter kan dit betekenen dat bedrijven niet mogen uitbreiden of zelfs moeten sluiten. In de documentaire zien we de bevlogenheid van de mensen achter MOB, maar ook de weerstand waar zij mee te maken krijgen, vooral vanuit de land- en tuinbouw.
Een terugkerend thema is dat Nederland haar eigen milieuwetten niet naleeft. Regisseur Ingeborg Jansen denkt te weten waar dit vandaan komt: ‘Het gaat om prioriteiten. Economische belangen gaan vaak voor het algemeen belang.'
Het is voor de overheid een manier om de verantwoordelijkheid af te schuiven
Jansen: 'Daarnaast is het voor de overheid een manier om de verantwoordelijkheid af te schuiven. Organisaties als MOB worden neergezet als de boeman, terwijl de overheid in eerste instantie haar eigen regels had moeten handhaven, zodat de rechter dat niet moet afdwingen.’
De documentaire laat ook zien hoeveel weerstand er is vanuit de boeren, en met name de veehouders. De acties van MOB hebben namelijk directe gevolgen voor wat zij wel en niet mogen doen met hun bedrijf. Zo zien we een scène waarin MOB-voorman Johan Vollenbroek tegenover leden van ‘Farmers Defence Force’ staat, een organisatie die op een activistische manier opkomt voor de belangen van boeren.
Volgens Jansen is de invloed van de sector groot: ‘De agriculturele lobby is heel dominant in Nederland. Maatregelen die hiertegen ingaan, zijn weinig populair. En we hebben nu al meerdere kabinetten gehad die geen impopulaire maatregelen durven te nemen.’
Waarom die maatregelen impopulair zijn heeft volgens Jansen met beeldvorming te maken. Zo komt er in de documentaire een zaak rond Tata Steel aan bod en een zaak waarin een pluimveehouder betrokken is. ‘Die laatste zaak roept veel meer sympathie op, omdat het om een familiebedrijf gaat. Terwijl dat niets zegt over de grootte van je bedrijf of over hoeveel het bedrijf uitstoot. Dit laat zien hoe belangrijk beeldvorming is.'
Met volharding
Maar MOB heeft een lange adem. Ondanks de weerstand, zien we hoe het team stug door blijven ploeteren.
Jansen: ‘Wat ik bijzonder vind aan MOB is dat ze via de rechter als kleine onbekende groep burgers zoveel voor elkaar krijgen op het gebied van natuurbescherming. Iedereen die aan bod komt in de film is zo verschillend. De nieuwe generatie werkt keihard en vult elkaar perfect aan. Advocaat Daisy is enorm gepassioneerd. Jurist Max is heel beschouwend, terwijl juridisch adviseur Stijn veel data en feiten uitpluist. Gepensioneerd chemicus Johan Vollenbroek is de gedreven voorman van de club die zich niet makkelijk van zijn stuk laat brengen.’
De nieuwe generatie werkt keihard en vult elkaar perfect aan
Zo is er een scène waarin Vollenbroek een bijeenkomst bijwoont waar boeren hem kritisch bevragen. Terwijl hij op het podium aan een vragenvuur wordt onderworpen beantwoordt hij rustig en zorgvuldig alle vragen. ‘Op een gegeven moment beweegt hij zelfs mee met een lied dat het mooie boerenleven bezingt,’ vertelt de regisseur. ‘Dat vond ik een grappig en veelzeggend moment, een botsing van twee werelden.'
Toch is het niet altijd zo harmonieus. De groep krijgt regelmatig te maken met bedreigingen en onderhoudt daarom korte lijnen met de politie. Dit is een aspect waar zowel Jansen als MOB in de film niet de nadruk op wilden leggen. Jansen: ‘Ik kon bijvoorbeeld niet laten zien waar de mensen van MOB wonen, maar dat was ook niet nodig. Ze proberen de bedreigingen zoveel mogelijk te negeren en doen aangifte als die serieus zijn. Het is – terecht denk ik ook – niet iets waar ze de focus op willen leggen.’
Milieu is geen politieke strijd
Door haar vasthoudendheid wordt MOB regelmatig als een radicale groep afgeschilderd. Volgens Jansen zegt dat vooral iets over hoe er naar natuur en milieu gekeken wordt: ‘We moeten stoppen met het politiek maken van milieu en natuur. '
Door MOB als een radicale groep te bestempelen, worden natuur en milieu deel van een politieke en culturele strijd
Door MOB als een radicale groep te bestempelen, worden natuur en milieu deel van een politieke en culturele strijd; die van de boeren versus Randstedelingen en rechts versus links. Dat is een misvatting. Natuur en milieu zijn geen typisch linkse onderwerpen. Een gezond milieu, biodiversiteit en een gezonde leefomgeving zijn immers in het belang van iedereen.’