Vijf jaar na 'Het zaad van Karbaat'

In gesprek met regisseur Miriam Guttmann en drie nazaten van Jan Karbaat

  • Susan Warmenhoven

Vijf jaar geleden verscheen de documentaireserie ‘Het zaad van Karbaat’ (VPRO). De serie, waarin werd verteld hoe vruchtbaarheidsarts Jan Karbaat talloze patiënten insemineerde met eigen sperma, sloeg in als een bom. Hoe kijkt regisseur Miriam Guttmann terug? En hoe gaat het met de “Karbaat-kinderen” Joey Hoofdman, Moniek Wassenaar en Martijn van Halen? Hoe kijken zij naar de misstanden rondom donorconceptie die nog steeds aan het licht komen? NPO Doc gaat met hen in gesprek.

Het verschijnen van de serie Het zaad van Karbaat ging vijf jaar geleden niet onopgemerkt: meer dan anderhalf miljoen keer is de serie inmiddels bekeken. ‘Als ik vertel dat ik documentairemaker ben en deze serie heb gemaakt, hebben veel mensen het gezien’, vertelt Miriam Guttmann 

‘Ik heb het gevoel dat de serie veel meer maatschappelijk bewustzijn heeft gecreëerd rondom donorconceptie. Karbaat was het eerste voorbeeld, maar er zijn daarna talloze zaken bekend geworden, ook internationaal. Dat laat zien dat de Karbaat-zaak geen incident is.’

Regisseur Miriam Guttmann
© Jitske Schols

Meer toezicht

Volgens de regisseur zijn al die schandalen onderdeel van een breder probleem: ‘Dit alles speelde in een tijd waarin opeens veel nieuwe dingen mogelijk waren, maar er nog geen regulering was en er niet werd nagedacht over de toekomstige kinderen. Vandaar dat er nu zoveel nieuwe zaken blijven opduiken.’

Vandaag de dag is er meer toezicht en is de regelgeving aangescherpt. Er bestaat inmiddels een landelijke registratie van donorgegevens en sinds 2025 wordt ook landelijk bewaakt hoeveel gezinnen gebruikmaken van één donor. Daarnaast hebben fertiliteitsklinieken tegenwoordig een wettelijke verplichting om donor- en behandelgegevens zorgvuldig vast te leggen en langdurig te bewaren.

En ook ouders worden betrokken: zij worden veel nadrukkelijker geadviseerd om vanaf jonge leeftijd open te zijn over donorconceptie, waardoor steeds meer donorkinderen weten dat ze donorkind zijn.

Beeld uit 'Het zaad van Karbaat': Jan Karbaat

Kwetsbaar systeem

Maar volgens de nu volwassen donorkinderen en regisseur Miriam Guttmann mag de vlag nog niet definitief uit. Guttmann legt uit: 'Er is een centrale registratie zodat een donor zich binnen Nederland niet ongemerkt bij verschillende klinieken kan aanmelden, maar internationaal ontbreekt een centraal registratiesysteem. Daardoor is er geen overzicht over donaties die in verschillende landen plaatsvinden.'

Er is geen overzicht over zaaddonaties die in verschillende landen plaatsvinden.

Miriam Guttmann

‘Het systeem blijft kwetsbaar,’ vult donorkind Moniek Wassenaar aan. ‘De onlangs verschenen Netflix-documentaire The Man with 1000 Kids liet zien dat één donor internationaal honderden kinderen kan verwekken. Dat was geen arts zoals Karbaat, maar het laat wel zien hoe ingewikkeld toezicht wordt zodra meerdere klinieken en landen betrokken zijn.’

Beeld uit 'Het zaad van Karbaat': Moniek Wassenaar

Leven met de gevolgen van Karbaats handelen

De impact van de praktijken van fertiliteitsarts Jan Karbaat op de donorkinderen zelf komt uitgebreid aan bod in de tweede aflevering van de serie. Voor hen is de ontdekking van hun afkomst niet alleen een zoektocht naar feiten, maar ook een ingrijpende emotionele en persoonlijke reis die hun relaties, zelfbeeld en levens ingrijpend beïnvloedt.

Donorkind Joey Hoofdman vertelt dat hij onbevangen en naïef aan de documentaire deelnam. Pas toen hij geconfronteerd werd met de omvang van Karbaats handelen, drong de impact echt tot hem door.

Als ik van iemand afstam die dit heeft gedaan: wie ben ik dan?

Joey

Vooral de ontdekking dat Karbaat sommige vrouwen die hij insemineerde had seksueel had misbruikt, riep bij hem existentiële vragen op: ‘Als ik van iemand afstam die dit heeft gedaan: wie ben ik dan? En wat zegt dat over mij? De verwarring en woede werden zo groot dat ik afstand moest nemen om te blijven functioneren.’

Joey kijkt nu anders naar de situatie. ‘Er is veel op zijn kop gezet, waardoor ik anders naar mijn leven ben gaan kijken. Mijn leven is nu ook anders. Toen de serie werd opgenomen, was de relatie met mijn moeder bijvoorbeeld heel slecht. Ik ben Miriam heel dankbaar voor het onderzoek dat zij deed, waaronder over het seksueel misbruik. Het gaf me veel antwoorden op vragen waar ik mee worstelde. Mijn moeder en ik zijn los van elkaar in therapie gegaan en nu is onze relatie veel beter.’

Beeld uit 'Het zaad van Karbaat': Joey Hoofdman

Hoge prijs

Ook op Moniek had de zoektocht grote impact. Zij ontmoette dokter Karbaat al in 2009, jaren vóór de documentaire. Nadat haar moeder had verteld dat zij verwekt was met donorzaad, ging zij zelf op zoek naar haar afkomst. ‘Tijdens een gesprek suggereerde Karbaat dat hij mogelijk zijn eigen zaad had gebruikt en dat sommige moeders daarvan op de hoogte waren’, vertelt Moniek.

Ik geloofde Karbaat op zijn woord en heb mijn moeder daardoor mogelijk onterecht veroordeeld

Moniek

Ze vervolgt: ‘Toen ik mijn moeder hiermee confronteerde, bleef zij ontkennen. Dat leidde tot een contactbreuk. Toen uit de documentaire bleek dat Karbaat structureel had gelogen, ging ik anders naar de situatie kijken. Ik realiseerde dat ik hem op zijn woord had geloofd en mijn moeder daardoor mogelijk onterecht had veroordeeld. Zij was toen echter al overleden, dus ik kon de ontstane situatie niet meer herstellen. De pijn die dat veroorzaakt, gaat niet weg.’

De zoektocht naar antwoorden en de onzekerheid drukten zwaar op mijn persoonlijke leven

Martijn

Ook Martijn van Halen ondervindt verstrekkende gevolgen van de zoektocht naar zijn afkomst: ‘De zoektocht naar antwoorden, onzekerheid, de leugens en de onbeantwoorde vragen drukten zwaar op mijn persoonlijke leven. Het heeft er onder andere aan bijgedragen dat ik ben gescheiden. Zo’n zoektocht is zo fundamenteel en allesomvattend, het is heel lastig als een partner daar niet in mee kan gaan.’

Beeld uit 'Het zaad van Karbaat'

119 broers en zussen

Rond de zeventig nazaten van Karbaat waren er bekend toen de documentaireserie verscheen. Op dit moment weten 119 mensen dat ze “Karbaat-kinderen” zijn. Hoe is het om zoveel halfbroers- en zussen te hebben?

 ‘Er is geen handboek voor wat ons is overkomen’, legt Joey uit. ‘Het lijkt op een experiment: zet mensen bij elkaar, vertel dat ze verwant zijn en wat gebeurt er dan?’

Het is niet zomaar een willekeurige vriendengroep; ik voel dat ze DNA delen

Miriam Guttmann

Regisseur Miriam Guttmann, die veel getuige geweest is van bijeenkomsten tussen de nazaten, vertelt: ‘Ik heb veel van de broers en zussen ontmoet. Het is niet zomaar een willekeurige vriendengroep; ik voel dat ze DNA delen. Het is moeilijk te vatten waar dat precies in zit, maar voor ik zie als buitenstaander zeker veel overeenkomsten.’

Het levert hoe dan ook bizarre situaties op. Moniek ontdekte door deelname aan de serie dat ze jarenlang al twee van haar halfzussen kende, zonder te weten dat het verwanten waren. Ze vertelt: ‘Bij de een zat ik zes jaar in de klas op de middelbare school, met de ander deelde ik tijdens mijn promotieonderzoek een kantoor.'

DNA betekent niet per se dat je een connectie hebt

Moniek

Maar met geen van beiden voelde ze een bijzondere herkenning of band: 'Ook niet toen ik wist dat we verwant waren. Dat verraste me, soms voelde het ook alsof dat moest. Nu heb ik er vrede mee: DNA betekent niet per se dat je een connectie hebt.’

Bijzondere connectie

Joey is het niet volledig eens met zijn halfzus: ‘Ik denk toch dat er een bepaalde, onverklaarbare aantrekkingskracht is. Hoewel we misschien ook een bijzondere connectie hebben omdat we de eersten waren die het ontdekten.'

Als ik bepaalde herkenbare gelaatstrekken zie bij iemand, krijg een gevoel wat ik niet kan uitleggen

Joey

'Met de eersten voel ik een andere connectie dan met nummer 120', vervolgt hij. 'Maar toch: als ik bepaalde herkenbare gelaatstrekken zie bij iemand, krijg een gevoel wat ik niet kan uitleggen.’

‘Die connectie voel ik ook nog steeds wel, maar ik denk ook dat dat zit in het feit dat onze moeders op elkaar lijken’, vult Moniek aan. ‘Er is op ons allebei een groot beroep gedaan als kind. Daarin zit dat “match-gevoel” denk ik ook. Verder herken ik zeker het gevoel wat jij beschrijft. Dat moment we elkaar aankeken en dachten: dit kan niet missen, bijvoorbeeld. Dat was magisch.'

Er zijn een heleboel verwanten waar ik niets mee heb

Martijn

Ook Martijn voelt verschil in het soort contact en connectie tussen zijn verwanten: ‘Ik heb nog steeds contact met ongeveer zestig van alle halfbroers en -zussen. Het geeft toch een bepaalde match. Anderzijds geef ik Moniek ook gelijk. Er zijn een heleboel verwanten waar ik helemaal niets mee heb.’

Beeld uit 'Het zaad van Karbaat': tattoo van Joey

Zou dat er eentje kunnen zijn?

Met het toenemen van het aantal nazaten van Karbaat, ook in het buitenland, is het niet ondenkbaar dat er nog meer bijkomen. Joey, Martijn en Moniek, maar ook regisseur Guttmann, denken regelmatig dat ze er een tegenkomen.

Martijn: ‘Ongeveer een keer in de zes weken, zie ik iemand waarvan ik denk: jij zou er eentje kunnen zijn. Soms klopt het ook. Ik woon in Luxemburg en er bleek een stukje bij mij vandaan een halfzus te wonen.’

Ongeveer een keer in de zes weken zie ik iemand waarvan ik denk: jij zou er eentje kunnen zijn

Martijn

Ook Moniek en Joey zien regelmatig vermoedelijke bloedverwanten. ‘Ik heb het een keer op mijn werk meegemaakt’, vertelt Joey. ’Ik herkende veel in die persoon, vooral hoe ze bewoog. Ik heb toen maar verteld wat ik vermoedde. Uiteindelijk is het niet verder onderzocht, maar als het wel zo blijkt te zijn, wil je niet dat je niets hebt gezegd.’  

Moniek vult aan: ‘Iemand waar ik een freelanceklus voor deed, zei na het zien van de serie over een andere collega: “Ik weet zeker dat hij er een is.” Ik snapte dat, want ik zit geregeld tegenover die man in kwestie en hij lijkt exact op Martijn. Hij staat er echter niet voor open om het uit te zoeken.’

Beeld uit 'Het zaad van Karbaat'

Wordt vervolgd?

Schreeuwen dit soort bizarre situaties, in combinatie met alle andere verhalen die naar boven komen, niet om een vervolgserie?

Ik ben blij dat er nu nog meer documentaires en podcasts worden gemaakt rond dit onderwerp

Miriam Guttmann

Regisseur Miriam Guttmann vindt het niet nodig: Ik vind het superbelangrijk dat er dingen gemaakt blijven worden over misstanden bij donorconceptie, maar ik zou dit specifieke verhaal niet willen uitmelken. Ik heb vijf jaar geleden de serie gemaakt die ik wilde maken. Maar ik ben blij dat er nu nog meer documentaires en podcasts worden gemaakt rond dit onderwerp. Dit onderwerp krijgt zo eindelijk de aandacht krijgt dat het verdient.’