‘In de sweet spot tussen fictie en werkelijkheid zat de ingang tot het gesprek.’
Regisseurs Jan Hulst en Tomas Kaan over de documentaire 'De making of De Jeugd van Tegenwoordig'
Al 20 jaar zet De Jeugd van Tegenwoordig de Nederlandse zalen op hun kop. Hoe blijven ze al die tijd relevant? Regisseurs Tomas Kaan en Jan Hulst volgen de vier mannen in de aanloop naar een reeks uitverkochte jubileumconcerten in de Ziggo Dome. Het resultaat is ‘The Making of de Jeugd van Tegenwoordig’, waarin feit en fictie in elkaar overlopen.
‘Dit klopt niet’, onderbreekt Pepijn (Faberyayo) terwijl de camera’s rollen. Hij zit samen met Olivier (Willie Wartaal) en Freddy (Vjèze Fur) op de bank in een studio, waar acteurs de opnames van hun eerste hit Watskeburt recreëren. ‘Mijn lines gaan altijd in één keer goed.’ Ook Freddy is niet tevreden: ‘Dit is helemaal niet hoe het echt is gegaan. We gaan toch niet aan geschiedvervalsing doen?’ Of hij dan nog weet hoe het precies ging? ‘Nee, dat niet, maar in mijn hoofd was het leuker.’ Faberyayo vindt het wel best: ‘Het is een abstractie van de magie.’
Het is een scène die de chaos van The Making of de Jeugd van Tegenwoordig goed weergeeft. De titel van deze film slaat namelijk niet alleen op hoe het iconische viertal is gekomen waar ze nu staan, maar ook op de manier waarop de film is opgebouwd: uit een ‘normaal’ documentaire gedeelte, nagespeelde belangrijke momenten uit hun carrière en – misschien wel het belangrijkste – de behind-the-scenesbeelden daarvan.
Wat is deze film geworden? Is het een documentaire? Een biopic? Een mockumentary?
Jan: ‘Het is een documentaire over de making of van een fictionele biografische film over De Jeugd van Tegenwoordig.’
Tomas: ‘Maar het woord documentaire staat voorop. Want buiten de scènes waarin we momenten uit de carrière van De Jeugd hebben laten naspelen door acteurs, was alles echt. En ook die nagespeelde momenten komen voort uit echte gebeurtenissen. Voor zover we dat kunnen weten natuurlijk, want De Jeugd staat niet bekend om hun waarheidsgetrouwheid. Dat is ook niet erg, want juist in die sweet spot tussen fictie en werkelijkheid zat de ingang tot het gesprek.’
Hoe vonden jullie die sweet spot?
Tomas: ‘We wisten meteen: als we een documentaire over De Jeugd gaan maken, kan het geen cliché biopic worden. Zo’n Hollywoodverhaal vol dramatische, reflectieve interviews over drank en drugs. Als we iets gingen doen, moest het helemaal anders. Tijdens het brainstormen ontstond toen het idee om bepaalde momenten uit hun carrière na te laten spelen door acteurs. Eigenlijk kwam dat idee van Olivier (Willie Wartaal) zelf; hij wilde gespeeld worden door Noraly Beyer.’
Jan: ‘Al snel kwamen we erachter dat het veel leuker is om het documentairegedeelte en het geacteerde gedeelte niet braaf naast elkaar te leggen. De reacties van de jongens op die gespeelde scènes waren misschien nog wel leuker, want ze werkten als een omweg om een discussie met ze te voeren of een gesprek op gang te brengen. Daarom hebben we ervoor gekozen om een derde laag aan de film toe te voegen: de making-of. Vanaf dat moment zijn we met z’n allen de K-hole ingedoken.’
Tomas: ‘Die gespeelde scènes werden veel meer dan alleen een manier om te vertellen wat er in het verleden was gebeurd. Het waren momenten om de jongens te bevragen, te confronteren of uit hun tent te lokken.’
De Jeugd staat erom bekend dat ze lastig zijn voor de media. Dachten jullie van tevoren ook: dit kan nog weleens helemaal verkeerd gaan?
Jan: ‘Tijdens de eerste meeting met De Jeugd waarin ik het idee ging pitchen – een bijeenkomst die ook terugkomt als scène in de film – was ik oprecht zenuwachtig. Tijdens het pitchen voelde ik ook: oh god, het is veel te vaag en ze begrijpen het niet. Maar tegelijkertijd werd deze meeting gefilmd en was het voor de film juist goed dat het stroef liep. Juist door het plan heel schools uit te leggen, hoopten we bij hen een reactie uit te lokken. Daarom zat ik daar met twee petten op: aan de ene kant wil je hun vertrouwen winnen, maar als het allemaal té vlot was verlopen, hadden we geen film gehad.’
De manager van de jongens zei op de première nog dat ze tot op het allerlaatste moment echt niet wisten wat wij nou aan het doen waren en of het wel goed ging
Tomas: ‘Ook dat maakt deze film wel écht een documentaire. We wisten vooraf absoluut niet hoe het uit zou pakken. De manager van de jongens zei op de première nog dat ze tot op het allerlaatste moment echt niet wisten wat wij nou aan het doen waren en of het wel goed ging. Tijdens de eerste viewing met De Jeugd zelf hadden we ook een cameraman mee, voor het geval ze het verschrikkelijk zouden vinden en boos weg zouden lopen. In dat geval had dát weer onderdeel van de film moeten worden.’
Zijn deze mannen wel een beetje te regisseren?
Jan: ‘Nee. En dat bedoel ik helemaal niet negatief, dat is juist wat ze briljant maakt. Je weet dat je ze niet echt kunt regisseren, en dat levert ook weer een bepaalde vrijheid op. Ik had de geluids- en cameramensen geïnstrueerd om nooit te stoppen met draaien als er 'cut' geroepen werd, en om dán juist nog beter op te letten. Een soort omgekeerde psychologie.’
Je kunt het zien als een arena: wij stelden de regels van het spel op, en daarbinnen kon alles gebeuren
Tomas: ‘Als Pepijn, Willie en Fred ergens binnenkomen, nemen ze per definitie de regie over. Dat is gewoon wat ze doen. Maar wij hadden het voordeel dat wij de vorm bepaalden. Je kunt het zien als een arena: wij stelden de regels van het spel op, en daarbinnen kon alles gebeuren. Juist als je ze van tevoren niet een bepaalde kant op probeert te duwen, krijg je heel mooie dingen cadeau.’
Bemoeiden ze zich veel met de acteurs?
Jan: ‘Ja, zelfs zodanig dat ze twee acteurs hebben ontslagen.’
Tomas: ‘Er was niks mis met de eerste acteurs, maar het dreigde meer de comedykant op te gaan. Het leek de jongens mooier als het net wat serieuzere acteurs zouden zijn. Iemand die een Gouden Kalf had gewonnen, bijvoorbeeld. De productie schrok zich rot en in een normale film zou je inderdaad de boel over moeten doen, maar wij vonden het wel weer grappig.
Hoe reageerde De Jeugd toen ze de film voor het eerst zagen?
Jan: ‘Dat vond ik het allerspannendste moment, nog veel spannender dan de première in Tuschinski. We hadden zoveel verwarring gezaaid, dit was het moment waarop het allemaal samen moest komen. Cameraman en co-regisseur Bastiaan Bosma stond dus paraat voor het geval ze boos weg zouden lopen, maar dat was niet nodig. Ze waren heel blij en verrast. Het grootste compliment – juist vanuit hen – was misschien wel dat ze de film verrassend vonden.’
Op het eind zit nogal een dramatische wending. Wat willen jullie daarmee vertellen?
Tomas: ‘We hadden alle ingrediënten voor een goed verhaal: spectaculair archiefmateriaal, de gespeelde scènes, interviews in het heden en we werkten toe naar een duidelijk punt in de toekomst: de twee grote shows in de Ziggo Dome voor hun twintigjarige bestaan. Alleen misten we nog een dramatische wending. Een goed verhaal gaat toch vaak over een rise and fall. De jongens hebben genoeg drank en drugs gebruikt, maar een echt drama is dat nooit geworden; ondertussen zijn ze allemaal heel gelukkige huisvaders. Eigenlijk was het één grote rise. Dat is prachtig voor ze, maar daar krijg je geen spannende film à la The Doors of Oasis van.’
Misschien is de echte tragiek wel dat het leven geleidelijk aan wat saaier wordt
Jan: ‘Het verklaarde ook de weerstand die de jongens in het begin hadden om überhaupt een documentaire te maken. Het eerlijke verhaal is namelijk niet zo rock-’n-roll: het is gewoon heel hard en professioneel werken om constant origineel en relevant te blijven. Misschien is de echte tragiek wel dat het leven geleidelijk aan wat saaier wordt.’
Tomas: ‘Het was Freddy die tijdens het filmen zei dat het pas echt iconisch was geweest als ze jong waren gestorven, en ons daarmee ons dramatische einde gaf.’
The Making of De Jeugd van Tegenwoordig
Feit en fictie lopen door elkaar in deze reconstructie van 20 jaar De Jeugd van Tegenwoordig.