Elke documentaire begint met een idee. Maar hoe vertaal je dat idee naar een helder filmplan? NPO Doc vroeg het drie ervaren lezers én schrijvers van documentaireplannen: NPO 3Lab-coördinator Sara Moeniralam, VPRO-eindredacteur Tamara Vuurmans en documentaireproducent en regisseur Willem Baptist.
Om financiering en een platform voor je documentaire te krijgen moet je als maker fondsen, omroepen en producenten overtuigen dat jouw film gemaakt moet worden. Soms doe je dat met een live pitch, maar meestal met een geschreven voorstel.
Realiseer je, voordat je begint met schrijven, wie jouw plan gaat lezen én of je het zelf kunt indienen of dat je een producent nodig hebt. Lees de oproep van het fonds of omroep waarvoor een filmplan nodig is dus aandachtig voordat je in de pen klimt.
Een goede documentaire hangt niet alleen van het onderwerp af. Het gaat om het totaalpakket
Zorg voor een duidelijke wie, wat, waarom
Alle drie de deskundigen zijn het erover eens: in een plan moet je helder uitleggen over wie (of wat) de documentaire gaat, wat erin gebeurt en waarom je het wil maken. Producent Willem Baptist: ‘Een goede documentaire hangt niet alleen van het onderwerp af. Het gaat om het totaalpakket. Als ik een plan binnenkrijg, ben ik vooral benieuwd naar de motivatie en de fascinatie van de maker.’
Daarnaast moet snel duidelijk worden hoe de maker het verhaal wil vertalen naar film. NPO 3Lab-coördinator Sara Moeniralam: ‘Als filmmaker wil je een audiovisuele productie maken, dus het is belangrijk om duidelijk te maken wat we gaan zien en waarom dat uniek is.’
Ik zoek tijdens het lezen naar de originaliteit. Heeft deze maker iets gezien in de wereld wat mijn wereldbeeld laat kantelen?
VPRO-eindredacteur Tamara Vuurmans vult aan: ‘Ik wil als lezer vooral weten waar de film écht over gaat, oftewel: wat is de premisse, de boodschap? Daarnaast is het belangrijk dat die boodschap filmisch verteld wordt. Ik zoek tijdens het lezen naar de originaliteit. Heeft deze maker iets gezien in de wereld wat mijn wereldbeeld laat kantelen? Brengt het een nieuw perspectief?’
Een filmmaker hoeft dus niet per se een nieuw onderwerp aan te snijden, maar moet wel iets toevoegen aan het huidige aanbod films over een onderwerp. Baptist: ‘Als documentairemaker moet je je verhouden tot het werkveld. Wees je bewust van wat er al gemaakt is over het onderwerp en refereer in je plan ook aan die producties.’
Neem de lezer mee in je verhaal
Maar hoe zet je dat allemaal helder op papier? ‘Ongeveer vijftig procent van de filmplannen die ik krijg, bestaat uit een brei van allerlei gedachtes’, vertelt Baptist. Hij adviseert om een filmplan te beginnen met een duidelijke logline en premisse: ‘Je moet de lezer stapje voor stapje meenemen in je verhaal.’
Dat de opbouw en uitwerking van de film voor veel beginnende makers lastig is, herkennen Vuurmans en Moeniralam. ‘Vaak ontbreekt de synopsis’, vertelt Vuurmans. ‘Makers gaan na de logline en premisse meteen naar de personage- en arenabeschrijving. Geef eerst even een overzicht van hoe de film opgebouwd wordt.’
Ook Moeniralam mist geregeld informatie over het verloop van de film: ‘Je hoeft niet van minuut tot minuut op te schrijven wat er gaat gebeuren, maar benoem voorbeeldscènes en schets een begin, midden en mogelijke afloop.’
Denk na over de ontwikkeling en spanningsboog
Maar hoe schrijf je het verloop van een documentaire die nog gedraaid moet worden? Baptist erkent dat dat ingewikkeld is: ‘Documentairemakers houden er meestal niet van om te veel voorschot op de toekomst te nemen. Ze maken immers geen fictie. Aan de andere kant willen financiers enige houvast hebben. Dat is een paradox, maar die kun je omzeilen. Je hoeft niet te schrijven wát er gaat gebeuren, maar er moet een redelijke aannemelijkheid zijn dat iets kán gebeuren. ‘
Probeer in je plan een schets te maken: ben je van plan vier personages te volgen? Schrijf dan op wat voor soort personages
Die aannemelijkheid hangt samen met de research van de maker. Moeniralam: ‘Als je bijvoorbeeld een documentaire over de jeugdzorg wil maken, doe je al vooronderzoek naar de feiten en spreek je misschien al potentiële personages. Probeer in je plan een schets te maken: ben je van plan vier personages te volgen? Schrijf dan op wat voor soort personages.’
Ook Vuurmans vindt dat je een documentaire niet als gedetailleerd filmscenario moet uitschrijven. Maar mogelijke scènes, ontwikkelingen en obstakels van een personage zijn wel heel belangrijk: ‘Stel; je documentaire gaat over de moeizame relatie tussen een vader en dochter. Misschien kun je zorgen dat zij op een bepaald moment samenkomen en dat je daar getuige van bent. Benoem in je plan wat momenten zijn waar je verrassingen verwacht en waar je op hoopt. En zorg dat je een plan B hebt als het anders loopt.’
Wees duidelijk over de vorm
Moet je als maker uitweiden over de vorm en cameravoering? Dat hangt af van de fase waarin je film zit én wie de lezer is van je plan. ‘Voor een eerste idee per mail naar een producent, hoef je niet heel uitgebreid in te gaan op de vorm’, zegt Baptist. ‘De vormkeuze moet echter wel logisch volgen uit wat je wil vertellen. Als je opschrijft dat je in iemands hoofd wil kruipen, verwacht ik een vorm die daarbij aansluit.’
Wees duidelijk over je filmische keuzes. In veel plannen ontbreekt de beeldtaal of is die slechts vaag beschreven
Moeniralam en Vuurmans raden daarom aan om inspiratiebronnen te benoemen die je filmische keuzes ondersteunen. ‘Schrijf bijvoorbeeld op: Ik wil het heel kleurrijk maken, net zoals Shabu van Shamira Raphaëla’, adviseert Moeniralam. ‘En wees duidelijk. In veel plannen die ik lees ontbreekt de beeldtaal of is die slechts vaag beschreven. Zo schrijven makers bijvoorbeeld dat ze fly on the wall gaan draaien, maar is het onduidelijk wat we precies gaan zien.’
Een moodboard kan helpen die beeldtaal te verduidelijken, maar is niet noodzakelijk. Belangrijker is dat je kunt uitleggen waarom je bepaalde stijlkeuzes maakt, vindt Baptist: ‘Ik ben niet zo heel snel onder de indruk van plaatjes. Een scèneomschrijving is voor mij een betere illustratie dan een moodboard. Je moet me via de tekst al kunnen overtuigen.’
Hoe lang een filmplan mag zijn, verschilt per keer. Vaak is het maximaal aantal pagina’s vier of vijf A4-tjes. Voeg dus geen ellelange karakterbeschrijvingen of uitgebreide achtergrondinformatie toe. Je mag ervan uitgaan dat omroepen en producenten bekend zijn met de documentaires die je als inspiratiebron noemt. Een hyperlink naar de desbetreffende productie volstaat, tipt Moeniralam: ‘Bronvermelding is wel esentieel. Als een maker schrijft: “‘Heel veel jongeren kampen met mentale problemen”, wil ik exacter weten om hoeveel jongeren dat gaat en uit welke bron je deze informatie haalt.’
Wees je bewust van je doelgroep
Daarnaast benadrukken alle deskundigen hoe belangrijk het is je te realiseren voor wie jouw documentaire interessant is. Films met een kleine of onduidelijke doelgroep vinden moeilijker steun van omroepen, fondsen of andere platforms. Baptist: ‘Even heel plat gezegd: als producent moet ik jouw film kunnen verkopen. Bedenk als maker: wie zit er te wachten op deze film? Is er in Nederland een publiek voor? Verdiep je ook in de profielen van de publieke omroepen voordat je een plan indient.’
Bedenk als maker: wie zit er te wachten op deze film? Is er in Nederland een publiek voor?
Tot slot adviseren Baptist, Vuurmans en Moeniralam om je filmplan door anderen te laten lezen voordat je het naar een producent of omroep stuurt. ‘Laat het sowieso door andere makers lezen. De meesten staan daar echt voor open’, meent Moeniralam. ‘En vraag dit ook aan mensen uit je omgeving die niets van het onderwerp weten. Zo ontdek je gelijk of er nog zaken missen of onduidelijk zijn.’
Meer tips voor (beginnende) makers
Hoe financier je jouw documentaire?
Een goede film begint met een idee. Maar hoe kom je aan geld om dat idee vervolgens te ontwikkelen en te realiseren? De redactie sprak met filmmakers Sven Peetoom en Juliette Domincus (‘Indisch Zwijgen’), Vincent Sparreboom (‘Mama Mania’, ‘At The Feet of My Mother’) en Marieke Widlak (‘Nu of nooit meer’, ‘Centen van Knegsel’, ‘CORRIE’).
Welke ontwikkeltrajecten zijn er?
Je hebt een documentaireplan, maar waar kun je die nu insturen? De redactie van NPO Doc helpt je verder met het insturen van je documentaireplan. Het plan voor een documentaire kun je insturen naar verschillende plekken.
Hoe stuur je jouw docu-plan in naar een omroep?
Heb je een documentaireplan voor NPO 2 of NPO 3? Lees hier welke omroepen je kunt benaderen en hoe de documentaire-redacties zichzelf profileren.
Hoe krijg ik mijn afgeronde docu op tv?
Heb jij een creatieve documentaire gemaakt en zou je die graag willen aanbieden voor uitzending bij de NPO? Dan zijn er twee mogelijke routes: Makers van Morgen, het platform voor nieuw documentairetalent van NPO Doc. Of: je stuurt je film naar de afdeling Aankoop non-fictie van de NPO. Op deze informatie vind je informatie over beide opties.