Deze docu's kijk je vanaf 8 november op NPO Doc en NPO Start

Met besprekingen van Helmut Boeijen en artikelen van de redactie

Een man op een markt met een petje op
  • Helmut Boeijen

Met deze week de volgende documentaires: ‘Deel van mij’ van Jelmar van Belle, ‘De brom van Lansingerland’ van Sikko Medema en Deborah Fidder, ‘Wham! 10 dagen in China' van Mike Christie, 'Joods’ van Sahar Meradji, ‘Hoofdstuk Huis’ van Selma Boeke, ‘Uit volle borst’ van Maxime Engelen en Mies Vesseur en ‘Boy George & The Culture Club’ van Alison Ellwood.

Deel van mij (57 min.)

Hoe oud kun je worden met een beenmergtransplantatie? vraagt Jelmar van Belle zich af. Hij heeft als tiener leukemie gehad en in 2001 een transplantatie ondergaan. Op z’n zestiende kreeg hij daarvoor stamcellen van een anonieme donor. Inmiddels is de filmmaker de veertig gepasseerd en voelt hij de behoefte om dat beladen verleden nog eens op te zoeken: zowel het onbekommerde gevoel van de laatste zomervakantie in Spanje voordat hij slecht nieuws kreeg, als de onbekende persoon die destijds zijn leven heeft gered.

Aan het begin van Deel van mij: de zoektocht naar mijn anonieme donor (57 min.), de film die hij samen met zijn goede vriend Thomas Sykora heeft gemaakt, neemt Jelmar contact op met Stichting Matchis, in een poging om, in weerwil van de regels, zijn donor persoonlijk te kunnen bedanken. De medewerker die hem telefonisch te woord staat tempert meteen zijn verwachtingen: hij mag een brief of kaart schrijven, met een presentje van hooguit vijftien euro erbij. In het Engels, zonder persoonlijke informatie. Zij kunnen dit dan, geheel geanonimiseerd, doorsturen.

Stukje bij beetje weet Van Belle, via familieleden, behandelaars en het spoor van de stamceltransplantatie in medische dossiers, tóch informatie over de donatie te verzamelen. Er zou sprake zijn geweest van een koffertje, dat afkomstig was van buiten Europa en zo’n drieduizend kilometer heeft afgelegd om hem als tiener te bereiken. Terwijl hij zo de donor probeert te traceren en alvast opneemt wat hij die zou willen vertellen, vraagt ook zijn gezondheid weer aandacht. De behandeling van 25 jaar geleden heeft z’n sporen achtergelaten in zijn lichaam.

Het ‘bonusleven’ dat hij leeft, soms letterlijk per dag, komt weer in zeer woelig water terecht. Dapper blijft Jelmar documenteren hoe hij opnieuw in behandeling moet en weer wordt geconfronteerd met de sterfelijkheid van het bestaan. Dit indringende proces, vanuit zijn eigen perspectief vastgelegd, drukt dan de vraag naar achteren waarmee deze film begon: mag je als ontvanger weten wie je heeft geholpen? Die blijft tegelijk actueel. Zeker nu de Gezondheidsraad onlangs een nieuw advies heeft gegeven, dat perspectief biedt aan stamcelontvangers zoals hij.

Samen ronden Jelmar van Belle en Thomas Sykora intussen ook deze aangrijpende weerslag van zijn persoonlijke zoektocht en ziekteproces af. Ze maken het verhaal, dat nog wel even nazindert, uiteindelijk helemaal rond. Terug naar af: naar die zorgeloze zomer in Spanje.

De brom van Lansingerland (32 min.)

Ze hebben last van brommen, zoemen en trillingen, de bewoners van Lansingerland. Althans, sommige bewoners. Anderen horen helemaal niets - en vragen zich af waar hun medebewoners zich zo druk over maken.

Deborah Fidder en Sikko Medema trekken in deze korte documentaire naar de Zuid-Hollandse gemeente en spreken met Nicole en Susanne, die al twee jaar dagelijks overlast ervaren van De brom van Lansingerland (32 min.). ‘s Nachts liggen ze wakker van de bromtoon en overdag proberen ze die met allerlei kunstgrepen zoveel mogelijk onschadelijk te maken. De geluidstechnicus van Fidder en Medema krijgt de vermaledijde brom alleen ook niet helemaal te pakken.

De kwestie heeft inmiddels ook de plaatselijke politiek bereikt. Leon Erwich van de lokale partij Leefbaar 3B, bepaald niet ongelukkig met de bijnaam ‘Mister Bromsnor’, vraagt Lansingerlanders op straat naar hun ervaringen met de brom, die hij zelf overigens ook niet hoort. Verder gaat hij met Nicole en Susanne, die inmiddels een Facebookgroep hebben opgericht voor lotgenoten, op pad om te ontdekken wat hun woonplezier nu al zo’n tijd vergalt. Nicole overweegt zelfs om te verhuizen.

Via deze casus belichten Fidder en Medema in hun bijna tactiele docu, waarin ze allerlei dronegeluiden ook op het gemoed van de kijker laten inwerken, een probleem van deze tijd. In een dichtbevolkt land kunnen zonnepanelen, warmtepompen en andere laagfrequente geluiden een serieuze inbreuk op het thuisgevoel vormen. En Nederlanders die daarvan last hebben, zoals Nicole en Susanne, voelen zich machteloos. Niet alleen die brom, ook zijzelf worden niet gehoord.

De zaak ligt nu op het bordje van de net geïnstalleerde wethouder Jan Dirk van der Borg. Onderzoek heeft alleen geen oorzaak opgeleverd. En op kritiek op dat onderzoek willen zowel de wethouder als de onderzoekers zelf niet ingaan. Nicole en Susanne hebben inmiddels wel een donkerbruin vermoeden waar dat gebrom, gezoem en getril vandaan komt, maar daarmee begeven ze zich op gevoelig terrein. Want dan komen ze aan Lansingerlands economische motor.

Wham! 10 dagen in China (91 min.)

Het is de grote droom van de Britse zanger George Michael, halverwege de jaren tachtig nog de ene helft van het popduo Wham!, om in Amerika door te breken. Maandenlang touren door de Verenigde Staten ziet hij echter niet zitten. Manager Simon Napier-Bell bedenkt daarom een list: een bezoek aan China, het communistische land dat sinds mensenheugenis vrijwel onbereikbaar is voor westerlingen, zal beslist veel aandacht genereren en die Amerikaanse ambities binnen handbereik brengen. Andrew Ridgeley, de de andere helft van Wham!, ziet er alleen weinig in. Hij vindt het maar een riskante onderneming, vertelt hij in de tweedelige docu Wham! 10 dagen in China (91 min.).

Die titel verraadt al dat de trip er toch is gekomen. Met Ridgeley en andere leden van Team Wham! - George Michael uitgezonderd, hij overleed in 2016 - reconstrueert Mike Christie deze reis naar de andere kant van de wereld. Ook de Britse roddelpers, met wie vooral Ridgeley destijds een moeizame relatie had, sluit aan. Want de strapatsen van Wham! zijn natuurlijk eerst en vooral een publiciteitsstunt: via een ideologische opponent voet aan de grond krijgen in de VS. Teneinde de kosten te drukken moet er ook een documentaire worden gemaakt door de gerenommeerde filmmaker Lindsay Anderson. Dat is overigens niet dit tweeluik.

De cultuurclash die Anderson voor ogen had, is er overigens wel degelijk in te herkennen. Verweven in het verhaal van de boezemvrienden George en Andrew. Het ongemak waarmee de twee Britten, gevolgd door journalisten en fotografen uit eigen land, zich door China bewegen, zet Christie af tegen de reactie op hen van gewone Chinezen. Stoïcijns voor zich uit starende mannen, die voor het eerst hun muziek horen. Concertgangers die stil blijven zitten en niet weten hoe ze moeten meeklappen. En een enkeling die zich dan, tegen alle lokale regels in, toch helemaal laat gaan en prompt wordt gearresteerd.

De beelden die Lindsay Andersons destijds maakte voor zijn documentaire, die uiteindelijk achter slot en grendel belandden, brengen de driehoeksverhouding tussen Wham!, China en de media overtuigend in kaart en vormen meteen een treffend tijdsbeeld. Ruim veertig jaar na dato laten ze bovendien nog eens zien hoe getalenteerd George Michael, die later als soloartiest definitief zou uitgroeien tot een wereldster, als jonkie al was.

Joods (142 min.)

De aanleiding is helder: sinds de bloedige aanslagen van Hamas op 7 oktober 2023 en Israëls vernietigende reactie in Gaza zijn en voelen veel Joodse Nederlanders zich minder veilig. Camerajournalist Sahar Meradji, die veelbesproken series zoals Verdoofd, Verloren Kinderen en Moslims maakte, zoekt vijf vertegenwoordigers van deze gemeenschap in de verdrukking op en gaat in de driedelige serie Joods (142 min.) met hen in gesprek over wat het betekent om Joods te zijn in Nederland. ‘Niet in het verleden, maar nu. In het leven van alledag.’

Het orthodoxe echtpaar Sacha en Berthe bereidt zich bijvoorbeeld voor op Pesach. Sacha maakt zich tegelijk ernstige zorgen over de veiligheid van Joodse Nederlanders. ‘Ik heb genoeg derde generatietrauma om de voelsprieten daarvoor te hebben’, vertelt hij. Verder probeert verbinder Chantal de dialoog tussen verschillende partijen te stimuleren. Ze bezoekt ook een Joods theatervoorstelling die wordt opgevoerd bij een asielzoekerscentrum. Intussen gaat de student Sid op pad om de straat weer ‘Jood-vriendelijk’ te maken. Hij plakt bijvoorbeeld stickers over antisemitische boodschappen.

De 24-jarige liberale Jood Yoram is verliefd, maar niet op een Joods meisje. Als hij kinderen met haar zou krijgen, zijn die dus niet-Joods. Tot groot verdriet van zijn moeder. Want Yoram is de enige die de lijn van de familie, die is gedecimeerd tijdens de Tweede Wereldoorlog, kan voortzetten. Nati woont als streng orthodoxe Jood ondertussen in een studentenhuis met dertien niet-Joodse huisgenoten. Hij wil ook graag trouwen, maar alleen met een Joods meisje. Het zijn thema’s waarop Sahar Meradji, die als interviewer vooral reageert op wat er zich op dat moment voor haar camera afspeelt, steeds weer terugkomt.

In die gesprekken worden aan de hand van concrete situaties of activiteiten het Joodse geloof, de bijbehorende gebruiken en de Joodse identiteit besproken, zonder dat de filmmaakster voorbij de woorden komt of écht de diepte in gaat. ‘What you see’ is in het geval van deze reportageachtige miniserie ook daadwerkelijk ‘what you get’.

Uit volle borst (24 min.)

De voorzitter van het zeemanskoor is Auke Poppema (74). In Uit volle borst (24 min.) staat hij voor een lastige keuze. Door ziekte lukt het hem steeds minder om zijn rol te vervullen zoals hij dat altijd deed. In zijn voorzitterschap wordt Auke al jaren gesteund door Suus Soolsma-de Nijs (73). De dirigente, die officieel geen lid is van deze mannenvereniging, maar wel geldt als het boegbeeld van het koor.

Kan Auke het voorzitterschap blijven dragen, of moet hij het stokje overgeven? En wat betekent dat voor een koor dat al jarenlang leunt op zijn aanwezigheid? Kan het koor Auke loslaten, nu hij daar zelf misschien klaar voor is?

Boy George & Culture Club (95 min.)

De popdocu Boy George & Culture Club (95 min.) had een routineus verhaal over de opkomst en ondergang van het zoveelste bandje kunnen worden, verteld door de vier leden, inmiddels mannen van dik in de zestig. Culture Club begon eind jaren zeventig namelijk net als al die andere: met de droom om met hun liedjes, de weerslagen van hun eigen leven, de wereld te veroveren.

Bassist Mikey Craig had gehoord dat George O'Dowd, die later furore zou maken onder de naam Boy George, was ontslagen uit de populaire popgroep Bow Wow Wow en vroeg of hij met hem een nieuwe band wilde beginnen. Dat zag de androgyne zanger inderdaad wel zitten. Het overkwam hem allemaal, stelt George nu. Lachend: ‘Omdat ik een oogje had op de drummer.’

Even later wordt dat bandlid, Jon Moss, daadwerkelijk als een onweerstaanbare Adonis geïntroduceerd in deze documentaire van Alison Ellwood. Het was, zo lijkt de implicatie, liefde op het eerste gezicht tussen die twee. Stiekem, dat wel. Toen moest er alleen nog een (nieuwe) gitarist worden gezocht. ‘Het was niet mijn schuld’, grapt Roy Hay bij zijn entree in de film. ‘Het waren die andere drie.’

Culture Club schopte het al snel tot het populaire televisieprogramma Top Of The Pops. Dat optreden zorgde ervoor dat de Britse groep tegelijk immens populair werd en alweer uit elkaar begon te vallen. Want Boy George bleek zó'n aantrekkelijke en spraakmakende verschijning dat de anderen al snel werden gereduceerd tot ogenschijnlijk willekeurige begeleiders. Tot hun grote frustratie.

De archiefbeelden uit die periode spreken voor zich. Als de blikvanger van het Britse viertal tijdens een persconferentie per ongeluk spreekt over  ‘mijn album’, wordt hij direct gecorrigeerd. ‘Ons album.’ Toen Boy George en Moss in 1984 vervolgens zonder de andere twee participeerden in de Band Aid-benefietsingle Do They Know It’s Christmas?, waren de rapen helemaal gaar.

En daarna stond ook Live Aid nog op het programma, de nagel aan de doodskist van de groep die simpelweg een vehikel voor het queer-icoon Boy George leek te zijn geworden. Hij had zelf intussen andere sores, die breed werden uitgemeten in de Britse pers. En daaraan ging, zo blijkt aan het eind van dik negentig vermakelijke minuten Culture Club, niet alleen de band bijna ten onder.

Aankomende week op tv en online